20 Nov. 2008 - Rookverbod
Geur als de snelweg naar onze emoties
Door: Pay-Uun Hiu
Het rookverbod dat sinds deze zomer van kracht is in de horeca, is letterlijk een demasqué nu zweet, bier, adem en slecht gewassen kleding vrijelijk in de ruimte dampen.
De meest voor de handliggende reden dat de mens een neus heeft gekregen, is deze achterna te lopen. Maar juist dat doet de mens maar zelden – of in ieder geval zelden bewust en zonder schaamte dat hij zijn neus moet gebruiken, omdat zijn andere zintuigen en zijn denkvermogen hem blijkbaar op dat moment in de steek laten.
Misschien is dat ook de reden dat we ons voor niets zo schamen als onze eigen onwelriekende lichaamsgeuren. Hebben we ons daarom jarenlang in tabaksrook gehuld tijdens onze bezoeken aan cafés, discotheken en clubs? Hoe dan ook, het rookverbod dat sinds 1 juli van kracht is in de horeca, is letterlijk een demasqué nu zweet, bier, adem en slecht gewassen kleding vrijelijk in de ruimte dampen. En ze ons met de neus op het belang van geur drukken.
‘De reuk is een stil en zwijgzaam zintuig, het zintuig zonder woorden’, schrijft Diane Ackerman in haar cultuurgeschiedenis van onze zintuigen, Reis door het rijk der zinnen. Probeer maar eens te vertellen hoe een viooltje ruikt, daagt ze uit. Je kunt het niet zonder gebruik te maken van een metafoor of een vergelijking: ‘gebrande suikerklontjes die zijn gedoopt in citroen en fluweel’, is haar poging. En wat we niet met woorden kunnen benoemen, glijdt al gauw weg onder de oppervlakte van ons bewustzijn. ‘Geuren zijn onze dierbaarste familieleden, maar we kunnen nooit hun naam onthouden.’
Kennelijk is geur gemaakt om onder die oppervlakte te opereren. Zodra je een geur bewust waarneemt, is dat meestal alarm: brand, gas, gif – wegwezen, en snel. In de dierenwereld werkt het iets subtieler. Een leeuw komt niet met een schroeilucht aanzetten, maar een antilope heeft genoeg aan een vleugje van diens lichaamsgeur om op de vlucht te slaan.
Belangrijk hulpmiddel
Bij mensen is het reukzintuig echter ook een belangrijk hulpmiddel om tot snelle beslissingen te komen, concluderen Piet Vroon, Anton van Amerongen en Hans de Vries in Verborgen verleider. Psychologie van de reuk. De reuk activeert direct de hersencentra die het gedrag besturen, want ‘de neus heeft de neiging om het verstand geen voorrang te geven, aangezien treuzelen desastreus kan zijn’.
Ook als er geen gevaar dreigt, is geur een discrete en krachtige besturing van ons gedrag; met recht een verborgen verleider en tegelijk een heerser die bepaalt wie wel in de groep hoort en wie niet. Ieder mens heeft een eigen geur en we zijn geneigd mensen met een geur die sterkt afwijkt van de onze af te wijzen. Geur, aldus Vroon, is een belangrijke factor in het onderscheid tussen "me" en "not me".
Niet voor niets zijn de sterkste verleiders het meest verborgen: feromonen (dragers van opwinding, of ‘lastdieren van de lust’, zoals Ackerman ze noemt) zijn niet afzonderlijk te ruiken, maar hun onverholen seksuele boodschappen geuren krachtig mee en zijn medebepalend of we ons tot een potentiële partner voelen aangetrokken of niet. Kortgeleden nog bleek uit een onderzoek aan de universiteit van Liverpool dat vrouwen die aan de pil zijn een minder goede neus hebben voor de ideale partner dan vrouwen die de pil niet gebruiken. Ideaal, in het opzicht van voortplanting, is een man met genen die verschillen van de vrouw. Vrouwen die de pil gebruikten, kozen eerder mannen met dezelfde genen als zijzelf.
<<< Overzicht









